‘De 21e eeuw experimenteert met zelfbedachte verledens’

Door in Geschiedenis op 28 april 2016
Bron Uitgeverij Van Tilt

Bron Uitgeverij Van Tilt

Vraag tien willekeurige personen die de middelbare school achter zich hebben welke docent hun het meest is bijgebleven. De docent geschiedenis zal hoge ogen scoren.

Hij vertelde verhalen, liet filmpjes zien of probeerde met andere middelen het verleden tot leven te wekken. Daarmee riep hij vragen op over hoe onze voorouders leefden en dachten en wat ze daarmee zeggen over ons leven hier en nu.

Over iets dergelijks gaat het boek van Peter Rietbergen, emeritus hoogleraar cultuurgeschiedenis in Nijmegen. Hij merkt dat de traditionele geschiedwetenschap niet meer voldoet voor het grote publiek. Wie wat verleden wil consumeren, pakt geen dikke geschiedenisboeken over details. In Clio’s stiefzusters verkent hij nieuwe wegen waarop de geschiedenis wordt overgedragen.

Al vanaf het begin van de westerse geschiedwetenschap, vanaf de negentiende eeuw, is geschiedenis nooit een speeltje geweest louter voor historici. In die tijd deden grootse cultuurbeschouwingen het veel beter bij het publiek. Neem de ondergangsprofeet Oswald Spengler met zijn Untergang des Abendlandes (1918). Zijn boek beleefde talloze herdrukken. Hij was echter een wis- en natuurkundige, geen historicus.

Vandaag de dag zijn het filmregisseurs, fotografen, fictieschrijvers en gameproducenten die hun beeld van het verleden met succes weten te verkopen aan het grote publiek. Met de leus ”beleef de geschiedenis” slaan ze diep de ankers in het verleden. In een samenleving op drift, waarin het verleden is versplinterd in talloze verledens, waarin gemeenschappelijke waarden verdampt lijken, is geschiedenis populairder dan ooit.

Je bent historicus of je bent het niet – dus is Rietbergen kritisch op veel van dat soort hedendaagse verledenverbeeldingen. Wie immers historische gegevens mengt met omzetcijfers, komt erachter dat men moeilijk twee heren kan dienen. Zo doet een onduidelijke mix van feit en fictie geen recht aan het verleden, stelt hij terecht. En er gaat ook iets fout als een gebeurtenis uit de geschiedenis alléén maar het instrument wordt om lof te bezingen op hedendaags individualisme of maatschappijkritiek.

De historicus doet er daarom goed aan populaire verledenverbeeldingen serieus te nemen. Want „wie bepaalt nu nog welke verbeeldingen van het verleden aanvaardbaar zijn? (…) De eenentwintigste eeuw zal een tijd zijn van steeds meer experimenten met steeds meer her-(be)dachte verledens.”

De experimenten met verledenverbeeldingen ontrafelt Rietbergen in het boek volgens hetzelfde procedé. Hij onderzoekt hoe opeenvolgende generaties een persoon of gebeurtenis uit het verleden interpreteerden. Spengler, daar is hij weer, zou in 1918 het nazisme en de Koude Oorlog voorspeld hebben. Was hij een ziener met diep inzicht in de cultuur?

De gereformeerde gezindte kent zo haar eigen verledenverbeeldingen. Ik herinner me schoolverhalen over de strijd van nobele geuzen tegen rooms-katholieke schurken tijdens de Tachtigjarige Oorlog. En was vroeger, in de jaren 50 van de vorige eeuw bijvoorbeeld, niet alles beter? Toen was Nederland nog christelijk, toen deelden alle Nederlanders dezelfde normen en waarden, toen…

Vertel dat verhaal maar, zou Rietbergen vast zeggen. Maar vertel ook andere kanten ervan, zodat favoriete verhalen niet verworden tot eenzijdige. Dat is de taak die elke docent geschiedenis verstaat. Die eigenlijk iedereen moet verstaan als de zijne.

Door echter het verleden net als Rietbergen van talloze zijden te belichten, loop je kans dat ook te relativeren. Dan mist het zoeken naar waarheid de richtingaanwijzers die het christelijk geloof juist kan bieden. Vroeger zegt uiteindelijk ook iets over nu, omdat we ons met vroeger identificeren en ons handelen zo proberen te legitimeren. Maar wat zegt vroeger precies? Goede lessen trekken uit het verleden is een noodzakelijke vaardigheid voor iedereen die wil weten waar hij vandaan komt en waar hij naartoe gaat.


 

Boekgegevens

Clio’s stiefzusters. Verledenverbeeldingen voorbij de geschiedwetenschap, Peter Rietbergen; uitg. Vantilt, Nijmegen, 2015; ISBN 978 90 6004 247 8; 359 blz.; € 19,95.


Deze recensie verscheen in april 2016 in het Reformatorisch Dagblad (link Digibron).

Share on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Google+Email this to someonePrint this page

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *