Tweede deel Driestar-geschiedenis verschenen

Door in Geschiedenis op 28 januari 2015

Afgelopen november is het tweede deel over de geschiedenis van de hogeschool Driestar Educatief in Gouda verschenen.

Het boek Wees een Gids! verscheen in november 2014. Bron Royal Jongbloed

Het boek Wees een Gids! verscheen in november 2014.
Bron Royal Jongbloed

In 2012 werden de eerste decennia van de school op schrift gesteld door historicus John Exalto. Het boek Wordt een heer! behandelt het schoolverleden tot en met de jaren zeventig van de vorige eeuw, Wees een gids! neemt de laatste veertig jaar voor zijn rekening.

Het eerste boek van twee jaar geleden gaat over emancipatie van bevindelijk gereformeerden volgens de subtitel. Die richtten een eigen school op en zochten hun reformatorische achtergrond vorm te geven in het onderwijs. Het tweede boek gaat op het laatste uitgebreid door. Emancipatie verloopt via de twee sporen ‘vreemdelingschap en participatie’, aldus de subtitel van het recent verschenen boek.

Eindredacteur Exalto legt de nadruk op motieven voor emancipatie met de onderzoeksbegrippen subjectification en coming into presence. ‘De minoriteit wordt zich bewust van haar eigen bestaan en eist haar plaats op in de orde der dingen.’1 De schrijvers Ton van der Schans, Tom Hage, Ineke de Jong-den Hartog, Jan Veldman en Fred van Lieburg, bijna allen werkzaam aan De Driestar, tonen aan dat het opeisen het gevolg was van externe en interne factoren. Om er een paar te noemen: Bevindelijk gereformeerden ervoeren steeds minder bewegingsruimte in de gereformeerde scholen van Kuyper en wilden eigen scholen met eigen leerkrachten. De Mammoetwet van 1963 dwong De Driestar zich te bezinnen op zijn identiteit. En om voldoende studenten binnen te kunnen halen moest de school die identiteit nauwkeurig uitleggen aan de kerken die de toekomstige leraren leverden. Meer dan eens ontstonden strubbelingen met de Gereformeerde Gemeenten of de Gereformeerde Gemeenten in Nederland.

Die discussies gingen, zoals Van der Schans laat zien, vooral over de mate van participatie, niet over vreemdelingschap. Het gebruik van film in het onderwijs, het opvoeren van toneelstukken door studentenvereniging Mozaïek van de Goudse school, of het spreken over geloofskwesties: de ‘vervalthese’ speelde de school parten. Die theorie, die vanouds veel aanhangers heeft in refoland, gaat ervanuit dat de zuil uiteen zal vallen als de identiteit niet meer wordt gepraktiseerd volgens bepaalde conventies. Om dat tegen te gaan, reageerden kerken als hoeders van de zuil soms met buitengewoon scherpe bewoordingen richting De Driestar.

Dit identitair getouwtrek ontstond nadat de refozuil was opgetuigd in de jaren zeventig. Van der Schans schrijft over een ‘dogmatiserings- en uniformeringsproces’ halverwege de jaren tachtig en in de jaren negentig. De zuil, ‘uit de nood geboren’ zo vond men toen, werd nu bewust in stand gehouden en zorgvuldig bewaakt.2  In de discussies van de school met de achterban is dit proces terug te zien. Tom Hage ontwaart vanaf de eeuwwende openheid met betrekking tot de ‘wereld’. Het ‘verstaan’ van de cultuur betekent minder vaak dan vroeger ‘weerstaan’.3 De antithese is minder geworden en binnen refokringen beroept men zich op een langere en rijker geschakeerde theologisch-kerkelijke traditie dan vroeger.4 Pogingen om De Driestar internationaal op de kaart te zetten, vragen bovendien ook om een nieuwe doordenking van de identiteit in de context van het internationale protestantisme.

Meer participatie dus. Van der Schans en Exalto vragen zich af of het vreemdelingschap door De Driestar goed is doordacht. Heeft de bezinning op reformatorisch leraarschap en een reformatorisch-pedagogische visie echt iets opgebracht? Of is De Driestar vooral een fysieke pleisterplaats van bevindelijk gereformeerden? Misschien staat De Driestar daarmee in de dubbelzinnige lijn van haar oprichter Piet Kuijt, die zowel het vreemdelingschap als het contact met de cultuur wilde bewaren, maar toch in ferme bewoordingen meldde dat ‘het dwaasheid is naast deze ondergaande cultuur een nieuwe te stichten.’5

Het nieuwe boek over de Goudse hogeschool geeft hoe dan ook een intrigerend beeld van continuïteit en verandering binnen de reformatorische zuil. De geconstateerde toegenomen contacten tussen de eigen subcultuur en omringende culturen zullen ongetwijfeld de relatie van De Driestar en haar achterban beïnvloeden en hebben beïnvloed – al lijkt het vuur van de vervalthese te doven. Verkettering verliest terrein, samenwerking ondanks identiteitsverschillen prevaleert. Het interculturele overleg roept tevens de vraag op, waarmee Van Lieburg het boek afsluit, naar het hoe en waarom van de ‘wisselwerking van exogene en endogene factoren in de reformatorische zuilgeschiedenis.’6

John Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie, Heerenveen: Royal Jongbloed, 2014; € 22,50; 459 blz.; ISBN 978 90 8897 103 7.

Share on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Google+Email this to someonePrint this page
  1. J. Exalto, Inleiding, in: J. Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie (Heerenveen 2014) p. 9-16 aldaar p. 14
  2. T. van der Schans, De gans énige school, de omgang met identiteit op De Driestar, in: J. Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie (Heerenveen 2014) p. 121-228 aldaar p. 178
  3. T. Hage, Tussen vervreemding en verlangen, culturele vorming op De Driestar, in: J. Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie (Heerenveen 2014) p. 229-282 aldaar p. 264
  4. T. Hage, Tussen vervreemding en verlangen, culturele vorming op De Driestar, in: J. Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie (Heerenveen 2014) p. 229-282 aldaar p. 270; vgl. p. 368
  5. T. Hage, Tussen vervreemding en verlangen, culturele vorming op De Driestar, in: J. Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie (Heerenveen 2014) p. 229-282 aldaar p. 236
  6. F. van Lieburg, Van Kerstiaantjes tot Christian youngsters, de subjectificatie van de Driestargeschiedenis, in: J. Exalto (red.), Wees een gids! De Driestar tussen vreemdelingschap en participatie (Heerenveen 2014) p. 355-374 aldaar p. 371

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *