Johannes a Lasco was in zijn hart een humanist

Door in Journalistiek op 11 juni 2010
Johannes a Lasco. Bron Wikimedia

Johannes a Lasco. Bron Wikimedia

Johannes a Lasco is onmiskenbaar een reformator. Maar hoe blijft hij in de herinnering aanwezig? Als Pools edelman, humanistisch geleerde, predikant van Emden of als kerkordespecialist van de Reformatie? „Zijn humanistische inslag vind ik het interessantst”, zegt dr. J. M. J. Lange van Ravenswaay, wetenschappelijk directeur van de Johannes a Lascobibliotheek in Emden.

Het jaar 1499 is het geboortejaar van Johannes a Lasco. Tenminste, dat nemen historici aan, want de exacte geboortedatum is niet bekend, zegt dr. Lange van Ravenswaay.
Johannes a Lasco –zijn Poolse naam is Jan Laski– werd geboren in de Poolse stad Lask, bij Warschau. Hij was ouder dan Calvijn, die geboren werd in 1509. Anderzijds ging hij later tot het protestantisme over dan zijn Geneefse collega.

Johannes a Lasco groeide op in een adellijk gezin. Zijn vader had een hoge politieke functie. Zijn oom was koninklijk kanselier vanaf 1503 en werd zeven jaar later aartsbisschop van Gnesen. „Johannes kreeg het reform-katholicisme met de paplepel ingegoten. Zo was het in het zestiende-eeuwse gebied van Lask de gewoonte dat lagere geestelijken konden trouwen.”

Johannes werd in 1521 tot priester gewijd. Hij bekwaamde zich in verschillende steden in de humanistische wetenschappen. In het Zwitserse Basel was hij een tijd lang huisgenoot van Desiderius Erasmus. Theologisch ging hij te rade bij Johannes Calvijn, Heinrich Bullinger, en niet het minst bij Huldrych Zwingli.

In Zürich bracht Zwingli hem tot onderzoek van de Heilige Schrift. „Een echte calvinist was a Lasco niet”, zegt dr. Lange van Ravenswaay, zelf gepromoveerd op Calvijn. „Hij was vooral een eclecticus, iemand die uiteenlopende ideeën combineert. Op theologisch vlak liet hij zich door verschillende mensen inspireren.”

Na zijn studie keerde hij terug naar Polen. In de zomer van 1538 reisde a Lasco vrij plotseling naar het westen. Aan Bullinger legde hij in een brief verantwoording af van zijn vertrek. Het was voor hem een keerpunt in zijn leven: „Ik was een hooggeëerde farizeeër, versierd met allerlei titels en waardigheden, maar, nadat ik dit alles uit vrije beweging door Gods genade heb achtergelaten, en mijn vaderland en mijn vrienden vaarwel heb gezegd, ben ik nu in den vreemde een arme dienaar van mijn arme, voor mij gekruisigde, Heere Christus, om te verkondigen de leer van het Evangelie, naar de wil van Hem Die mij naar Zijn grote barmhartigheid uit de strikken van de farizeeërs tot Zijn kudde geroepen heeft.”

Toch bleef in hij zijn hart een humanist, stelt dr. Lange van Ravenswaay. „Vraagtekens stellen bij A Lasco’s overgang naar het protestantisme is niet aan de orde. Hij correspondeerde in die tijd veel met Calvijn en ook met andere protestanten. Ik weet zeker dat Calvijn hem erg waardeerde. Hij was echter geen theologische scherpslijper. Als humanist zocht hij voortdurend naar een ”via media”, een middenweg.”

Dr. Lange van Ravenswaay ziet de bekering van A Lasco als een geleidelijke overgang. Die had volgens hem plaats tussen 1538 en 1543. „Een voortdurend zoeken en afwegen van levenskeuzen is typisch humanistisch. Tot 1542 hield A Lasco drie ijzers in het vuur: hij had een aanvraag lopen als bisschop van Gnesen, hij dacht in Polen aan het werk te kunnen voor de Rooms-Katholieke Kerk en hij zag voor zichzelf mogelijk een wetenschappelijke carrière weggelegd.”

Op theologisch gebied publiceerde A Lasco weinig. Bekend is zijn kerkorde ”Forma ac ratio” (1555). Hij schreef ook een catechismus voor kinderen. Voor de vluchtelingengemeente in Londen stelde hij een belijdenisdocument op, die de leden moesten ondertekenen. Zo werd een scherpe scheidslijn getrokken tussen de rechtzinnige gemeenteleden en de sektariërs, zoals wederdopers. „Johannes a Lasco was een goed organisator, net als de meeste humanisten. Hij wist het kerkelijk leven op orde te krijgen.”

Drie eeuwen later zou Abraham Kuyper het werk van de Poolse reformator ontdekken en dat gebruiken voor de kerkordelijke structuur van zijn nieuwe kerkverband, de Gereformeerde Kerken in Nederland (zie kader).

A Lasco’s keuze voor het protestantisme betekende een leven in ballingschap. Alleen zo kon hij ontkomen aan het geweld van de overheid. A Lasco, getrouwd met een Leuvense burgerdochter, trok naar Emden, Londen, Denemarken, Emden en opnieuw Polen. „Wat dat betreft had hij een moeilijker leven dan Calvijn, die slechts een keer voor een tijd Genève moest verlaten. Dit geeft een extra lading aan zijn woorden als hij schrijft: „Er is geen vaderland op aarde voor de vromen, die naar het hemelse zoeken.””

In Emden herinnert niet zo veel meer aan A Lasco. In de Grote Kerk waar hij preekte, is nu de Johannes a Lascobibliotheek gevestigd (zie kader). De kerk werd danig toegetakeld in de Tweede Wereldoorlog. Alleen de pilaren en stutbogen stonden nog overeind. Daarna is de kerk geheel herbouwd. Andere bezienswaardige plekken uit de zestiende eeuw zijn er in de Oost-Friese stad nauwelijks te vinden.

De Johannes a Lasco Bibliotheek in het Duitse Emden. Bron ardjanlogmans.nl

De Johannes a Lasco Bibliotheek in het Duitse Emden. Bron ardjanlogmans.nl

Wel herinnert de ”Coetus” –een predikantenvereniging in Oost-Friesland– nog aan de reformator. A Lasco stelde de ”Coetus” in om verschillende gemeenten op een lijn te krijgen en problemen met elkaar te bespreken. Ook wilde hij op die manier de kerkelijke tucht inhoud geven. A Lasco kon voortvarend te werk gaan omdat hij was aangesteld als superintendent, een functie waarin hij als predikant de eerste onder zijns gelijken was.

Het lukte hem niet om theologisch alle neuzen in een richting te krijgen. A Lasco stelde in 1544 voor de Oost-Friese kerken een document op waarin de kern van het geloof stond verwoord: de ”Epitome doctrinae ecclesiarum Phrisiae Orientalis”. Het geschrift kreeg echter geen enkele herdruk.

Dr. Lange van Ravenswaay: „Dat tekent de tragiek in het leven van A Lasco. Als edelman en door zijn studie had hij veel internationale contacten die hij in dienst kon stellen van zijn zoektocht naar een eenvormig protestantisme. Maar de praktijk bleek weerbarstiger.”

Zo was het ook in Polen. Aan het eind van zijn leven, in 1556, keerde A Lasco terug naar zijn vaderland. Hij deed een manhaftige poging om verschillende protestantse groepen, zoals de Boheemse Broeders en de lutheranen, bijeen te brengen. Ze zouden pas na zijn dood, op 8 januari 1560 in Pinczów, nauwer met elkaar gaan samenwerken. Vandaag de dag is Polen een door en door rooms-katholiek land, met slechts enkele protestantse kerken, met name in het zuid-westelijke Silezische gebied.

Het wetenschappelijk onderzoek naar A Lasco staat 450 jaar na de dood van de reformator nog in de kinderschoenen. De hertaling van zijn werken door Abraham Kuyper in 1866, de ”Ioannis a Lasco Opera”, was een goede start, maar sindsdien bleef het aantal studies beperkt. Er verschenen maar drie proefschriften over de zestiende-eeuwer, meldt het jubileumboek bij de 400e geboortedag van a Lasco in 1999 ietwat teleurgesteld.

Dr. Lange van Ravenswaay ziet nog genoeg witte plekken die met gedegen bronnenonderzoek zouden kunnen worden opgevuld. „A Lasco was erg vertrouwd met de vertaling van het Nieuwe Testament door Erasmus. Hij heeft er zelfs aantekeningen bij gemaakt, een soort kanttekeningen. Het exemplaar van dat Nieuwe Testament ligt nu in de universiteitsbibliotheek van Cambridge. Het zou de moeite waard zijn dat eens te uit te pluizen en zo de kruisbestuiving tussen humanisme en Reformatie aan een grondige studie te onderwerpen.”


 

Johannes a Lascobibliotheek

De locatie van de Johannes a Lascobibliotheek in Emden is historisch. In de stad werd in 1571 de eerste nationale synode gehouden. De bibliotheek presenteert zich als een kenniscentrum voor het gereformeerd protestantisme.

De bibliotheek, die ook functioneert als congrescentrum, heeft onderdak gekregen in de Grote Kerk, een van de stadskerken van de Oost-Friese havenstad. A Lasco heeft er nog gepreekt. De gereformeerde kerk van Emden, nu de ”Evangelisch Reformierte Gemeinde” genoemd, bestaat nog steeds. Ze belegt samenkomsten in een pand achter het oorspronkelijke kerkgebouw.

De bibliotheek is ontstaan uit de boekenvoorraad die A Lasco achterliet bij zijn vertrek naar Londen en later naar Polen. In 1559 werd de bibliotheek opgericht. Sindsdien is hij aangevuld met boeken uit legaten. In het kerkgebouw staan nu zo’n 120.000 boeken. Uniek is het grote aantal werken uit de zestiende en zeventiende eeuw. De planken herbergen niet alleen theologische lectuur, maar ook boeken over kunst, geschiedenis, rechtspraak en over de provincie Oost-Friesland.

De bibliotheek onderhoudt wereldwijd contacten. De contacten met Nederland verlopen met name via prof. dr. H. J. Selderhuis, wetenschappelijk curator en voormalig directeur van het instituut.

Na een interne reorganisatie is de bibliotheek onlangs heropend. Op 30 april wordt dat feestelijk gevierd. De bibliotheek verzorgt na aanmelding rondleidingen, ook in het Nederlands.


 

Kuyper ontdekt A Lasco

Abraham Kuyper werd er overspannen van. In zijn onderzoek naar Johannes a Lasco ervoer hij geen steun van zijn verloofde, Jo Schaay. Hij schreef: „Terwijl ik van den ochtend tot ’s nachts slechts door ééne gedachte bezield ben, heb ik zo schaarsch in je brieven ook maar een woord van aanmoediging gevonden, dat me zoveel waard zou zijn.”

Johannes a Lasco was al langer bekend, maar Abraham Kuyper heeft in de negentiende eeuw de reformator opnieuw volop in de schijnwerpers geplaatst.

Kuyper was in die tijd net afgestudeerd in Leiden op klassieke talen en werd predikant in Beesd. Hij tekende in op een prijsvraag van de universiteit van Groningen. Zijn inzending –hij was de enige die aan de prijsvraag meedeed– werd door de jury bekroond.

Hij vertaalde diverse boeken van A Lasco. Die werden gebundeld in twee dikke delen. De ”Ioannis a Lasco Opera” kwam uit in 1866. Het was de eerste wetenschappelijke uitgave van de werken van de reformator. Nog steeds worden de delen gebruikt.

In zijn proefschrift ”Commentatio” uit 1860 vergeleek Kuyper de reformator Johannes Calvijn met A Lasco. Dr. J. Vree en dr. J. Zwaan gaven het boek opnieuw uit in 2005.

Volgens Kuypers biograaf Jeroen Koch gebruikte de voorman der gereformeerden begrippen uit de kerkorde van A Lasco om de Doleantie, de uittocht uit de Nederlandse Hervormde Kerk in 1886, te legitimeren. Van de Poolse reformator leerde hij het belang van het gezag van de kerkenraad en het ambt aller gelovigen.

Dit artikel verscheen in juni 2010 in het Reformatorisch Dagblad.

Share on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Google+Email this to someonePrint this page

Comments are closed.