Mgr. De Korte: Wie hoog troont, kan diep vallen

Door in Journalistiek op 20 mei 2010
Bisschop De Korte. Bron Wikimedia

Bisschop De Korte. Bron Wikimedia

De bisschop van het bisdom Groningen-Leeuwarden en referent van de bisschoppenconferentie inzake seksueel misbruik, heeft afgelopen dagen meerdere gesprekken gehad met slachtoffers. „Voor sommigen is het genoeg dat iemand binnen de gewijde kring (die de diaken- of priesterwijding heeft ontvangen, AL) oprecht luistert. Mensen die trauma’s niet te boven komen, verwijzen we door voor psychologische hulp.”

Het onderzoek van Deetman loopt vanaf 1945 tot heden. De Korte verwacht dat de meeste gevallen van misbruik dateren van voor 1980. „Daarna zijn veel internaten en juvenaten gesloten. Deze instellingen hoorden bij het rijke roomse leven in Nederland sinds 1853. In de laatste decennia leek de zuil haar taak te verliezen.”

Een donkere bladzijde ”bewältigen”, zo noemt bisschop De Korte het. Een donkere periode overwinnen en zo als kerk in het reine komen met haar slachtoffers en met de wereld. „De kerk heeft grote morele claims. En wie hoog troont, kan diep vallen.”

Ook in theologisch opzicht moet de kerk zich bezinnen. De kerk als het lichaam van Christus is geschonden, stelt De Korte, maar het blijft het lichaam. „De kerk blijft het sacrament van het heil, zoals wij dat zeggen.”

Wat hij opnieuw ontdekte, is dat de kerk een kerk is van heiligen en van zondaren. „Iedereen kan achter het doopsel terugvallen en de heiligheid, waartoe men geroepen is, tenietdoen. Nu wordt pijnlijk duidelijk dat ook priesters dat kunnen.” Het besef van „diepgaande gebrokenheid” noopt tot „missionaire bescheidenheid”. „Alleen door vergeving en verzoening in Christus is de gebrokenheid te helen. Daarin raken Rome en Reformatie elkaar.”

Het nieuws is in februari naar buiten gebracht door de pers. Had de kerk dat niet zelf moeten doen?

„Elke grote organisatie heeft de neiging om de zaken eerst intern op te lossen. De samenleving is de jaren door veranderd en vraagt meer openheid. Daaraan willen we gehoor geven met het onderzoek van de commissie-Deetman.

Ik zou kunnen veronderstellen dat verschillende kranten om oneigenlijke motieven het misbruik in het nieuws brengen. Misbruik komt immers overal voor waar mensen bijeen zijn, zoals in scholen of jongerenorganisaties. Toch wil ik dat niet zeggen. Ik denk dat we door NRC Handelsblad en de Wereldomroep de kans krijgen om als kerk een zuiveringsproces te ondergaan en zo de slachtoffers recht kunnen doen en de waarheid boven tafel kunnen krijgen.”

U bent sinds 1987 priester. Wist u van niets over misbruik?

„Nee, er was mij niets bekend. Misschien ben ik te naïef geweest. De kerk heeft meldingen in het verleden opgepakt. Sommige geestelijken werden overgeplaatst en ik weet van congregaties die misbruik gemeld hebben bij de politie. Of dat voldoende is geweest, horen we van de commissie-Deetman.”

Wat raakt u het meest in de meldingen over misbruik?

„Dat kinderen, minderjarigen dus, slachtoffer zijn geworden in een vertrouwensrelatie, vind ik heel erg schrijnend. Priesters hebben de taak hen op gelovig terrein te leiden en naar Christus te brengen. Met het misbruik hebben sommige van hen een antiteken gesteld. Ik ken mensen die door het misbruik niet alleen van de kerk zijn vervreemd, maar bij wie ook het geloof in God is kapotgemaakt. Dat is triest.”

Wat doet het misbruik met het kerkelijk grondvlak?

„Mensen voelen een plaatsvervangende schaamte, zeker omdat het gemeenschapsdenken een katholiek eigen is. Er is ook een algeheel gevoel van moeheid. We gaan op naar Pinksteren en hebben de Pinkstergeest nodig Die ons enthousiast maakt.”

In Oostenrijk zeggen veel leden hun lidmaatschap op. Hier ook?

„Dat heeft in dat land te maken met de kerkenbelasting. Je wordt automatisch aangeslagen als je naam in de kerkelijke boeken voorkomt. Gevallen van misbruik die aan het licht komen, kunnen een zetje in de rug geven om zich werkelijk uit te schrijven. In Nederland ontvangen kerken alleen vrijwillige bijdragen. Met de kwestie-Williamson alsook bij het seksueel misbruik hebben we enkele honderden mensen moeten uitschrijven. Een grotere, maar minder makkelijk te traceren groep zijn de mensen die lid blijven, maar geen kerkelijke samenkomst meer bijwonen. Toch zijn we een kerk met ruim 4 miljoen doopleden.”

Paus Benedictus XVI sprak dinsdag over zonden die de kerk van binnenuit raken. Wat bedoelt hij?

„De paus lijkt te zeggen dat de kerk ook zondig is in haar priesters, zelfs bisschoppen. Een deel van de katholieken verlangde dat de paus zich duidelijker zou uitspreken. Ik weet dat hij zich het probleem erg aantrekt.”

Zou het misbruik ook een oordeel van God over de kerk kunnen zijn?

„Het is heel Bijbels om zo te spreken. Met name het Oude Testament staat er vol van. Ook een paar eeuwen geleden kon men in een plotseling opkomende mist de hand van God zien. Toch zal ik daar persoonlijk niet zo snel over spreken. Uit de geschiedenis blijkt dat men het oordeel van God ergens in kon zien, terwijl de situatie achteraf anders werd beoordeeld. Verder blijft de kerk een kerk van heiligen en zondaren. Graan en onkruid groeien op tot de dag van de voltooiing.”

Wat is uw zicht op de toekomst van de kerk in deze periode?

„Of de misbruikzaken binnen twee, drie of tien jaar zijn opgelost, is niet te zeggen. We hopen vertrouwen terug te winnen door slachtofferhulp en onafhankelijke waarheidsvinding serieus te nemen. Wel wil ik ook het goede van de kerk benadrukken. Het Evangelie blijft Evangelie dat wordt verkondigd. We hebben een prachtige sociale leer. De paus zei het dinsdag: door het doen van boete kunnen Gods liefde en genade weer schijnen in de kerk en als kerk in de wereld.”


Mgr. De Korte

Gerard Johannes Nicolaus de Korte wordt geboren op 13 juni 1955 in Vianen. Hij rondt zijn geschiedenisstudie af in 1980. Daarna studeert De Korte theologie aan de Katholieke Theologische Universiteit in Utrecht. In 1984 wordt hij opgeleid tot priester aan het Ariënskonvikt van het bisdom Utrecht. Drie jaar later ontvangt De Korte zijn wijding tot diaken en een paar maanden later tot priester. De Korte promoveert in 1994 op een studie over pastoraat. In 2001 wordt hij gewijd tot bisschop. Hij volgt in 2008 aartsbisschop W. J. Eijk op als bisschop van Groningen-Leeuwarden, een bisdom met 85 parochies. Binnen de bisschoppenconferentie beheert De Korte de portefeuille kerk en samenleving.

In kerkbreed komt iedere week een persoon aan het woord die een reflectie geeft op een opvallende gebeurtenis of ontwikkeling in het kerkelijk leven. Deze keer mgr. G. J. N. de Korte, bisschop van het bisdom Groningen-Leeuwarden en referent van de bisschoppenconferentie inzake seksueel misbruik.

Dit artikel verscheen in mei 2010 in het Reformatorisch Dagblad

Share on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Google+Email this to someonePrint this page

Comments are closed.